Litouwen

“Waar ben ik nu beland?” Die vraag spookt door mijn hoofd gedurende de halve dag dat ik bij de Kacvingali’s ben. De familie woont in het westen van Litouwen op een afgelegen stuk grond, drie zandwegen -de ene al wat steviger dan de andere- verwijderd van het eerste stenen huis. De kinderen -ik tel er drie- zijn eerst wat schichtig. Could you blame them? Twee vreemdelingen met een tas vol rariteiten die hen komen begluren, je zou voor minder achter moeders schort duiken.

Sinds een jaar of twee heeft de familie weer contact met anderen. In een fijne samenwerking tussen verschillende landbouwersgezinnen uit de buurt, komen vaders en moeders om de zoveel tijd samen in het dorp. Om, op zijn Europees gezegd, “best practices” uit te wisselen. Of melk van de geiten. Of wol van de schapen. Maakt niet uit. Zolang ze maar praten en elkaar het gevoel geven ergens deel van uit te maken. Want na jaren van afzondering is zelfs een gewoon gesprek geen evidentie, laat staan een cameraploeg uit het exotische Brussel.

Ik haal de zak met clichés boven en vis er geheel onverwacht uit: ook dit is Europa. Cliché of niet, ik was behoorlijk onder de indruk. De jongste van de drie, een meisje van een jaar of vijf, durft eindelijk dan toch dichter te komen. Voortdurend kijken de kinderen mij, dan weer elkaar aan. De oudste, 13 schat ik, is nog het meest op z’n ongemak.  Maar hij was het wel die ons in alle geheimzinnigheid zei dat hij de stad in wou, weg van het dorp. Nu vader en moeder nog overtuigen.

Bekijk de video hier.